Webontwikkelaars over literaire cultuur.

8 nov 2013 /

reading pin-upTechnologische veranderingen en de ontwikkeling van nieuwe media hebben invloed op hoe we communiceren, onze job uitoefenen en deelnemen aan cultuur. Naast een uitbreiding van ons arsenaal van handelingsmogelijkheden, treedt er ook een verandering op in ons denken en spreken. Ieder nieuwe medium vertelt ons iets over de praktijken, structuren en machtsverhoudingen die we vaak beschouwen als vanzelfsprekende onderdelen van ons sociale en culturele leven. Op die manier wordt het medium zelf de boodschap. Geïnspireerd door deze beroemde woorden van Marshall McLuhan onderzocht Joachim Vlieghe tussen september 2011 en juni 2012 wat sociale media omgevingen ons kunnen vertellen over lezen en literaire cultuur.

Onderzoek bij webontwikkelaars

In een recent gepubliceerd artikel stelt Joachim het onderzoek voor. De studie is in de eerste plaats een verkenning van het veld. Uitgaande van de zijn interesse voor geletterdheid, cultuureducatie en literatuur richt de verkenning zich uitsluitende op sociale leesomgevingen. Dit zijn sociale media die participatie aan literaire cultuur mogelijk maken en bevorderen. Joachim verzamelde informatie over 27 verschillende sociale media omgevingen die aan deze omschrijving voldoen [1]. De verzamelde informatie omvat promotiemateriaal, intentieverklaringen, gebruiksaanwijzingen en observatie materiaal verzameld binnen de omgevingen zelf. Op basis van deze informatie ging Joachim na welke veranderingen ontwikkelaars van sociale leesomgevingen beogen en hoe ze de handelingsmogelijkheden en rolverdelingen in de literaire cultuur van de toekomst beschrijven. Elke technologische ontwikkeling begint immers bij het idee dat het ook anders kan.

Iedereen wordt lezer, bemiddelaar en schrijver

In het artikel “Rhetorical Analysis of Literary Culture in Social Reading Platforms” legt Joachim de resultaten van de studie voor. Eerst en vooral blijkt dat ontwikkelaars vaak verwijzen naar sociale leesomgevingen als publieke ruimtes voor gedeelde interesse en passie. Dit sluit aan bij gangbare opvattingen en wetenschappelijke theorieën over het wereldwijde web en de sociale media als ontmoetingsplaatsen die beschikken over bijzondere democratische eigenschappen[2]. Daarnaast benadrukken ontwikkelaars dat sociale leesomgevingen hulp bieden bij het uiten en delen van interesse en passie voor literatuur. Virtuele boekencollecties, statusupdates, likes, ratings, reviews en allerhande andere hulpmiddelen zetten de persoonlijk leesbeleving en literaire smaak in de verf. Bovendien maken ontwikkelaars bij het beschrijven van de verschillende handelingsmogelijkheden weinig of geen onderscheid tussen de verschillende rollen die hiermee samenhangen. Hierdoor vertroebelt het onderscheid dat traditioneel gemaakt wordt tussen de rollen van de verschillende actoren binnen de literaire cultuur (i.e. producent, bemiddelaar, ontvanger, verwerker). Ontwikkelaars verwijzen tot slot vaak naar literatuur als een proces en een continue wisselwerking is tussen productie, bemiddeling en receptie van teksten. Volgens ontwikkelaars krijgt iedereen in sociale leesomgevingen gelijke kansen om bij te dragen aan de creatie, bewerking en herwerking van literaire teksten.

Book Country aims to be useful, egalitarian, and merit-based while fostering an atmosphere of encouragement and creativity.” (Bron: BookCountry.com, 2012)

Gebruikers aan het woord

Dergelijke uitspraken suggereren de ontwikkelingen van omgevingen waar individuen en gemeenschappen hun eigen stem kunnen vinden en betekenissen kunnen creëren zonder daarbij aan te zetten tot buitensporige specialisatie en subculturele discoursen die leiden tot individualisme en segregatie (Vlieghe & Rutten, 2013, p. 10). De vraag blijft echter of dit ook werkelijk het geval is en mensen dus worden bekrachtigd om deel te nemen aan cultuur. Om een antwoord op deze vraag te kunnen bieden laat Joachim in zijn huidige studies verschillende gebruikersgroepen aan het woord. Op dinsdag 19 november 2013 stelt hij samen met collega Geert Vandermeersche de resultaten van een studie met toekomstige leerkrachten voor tijdens het ICT-congres in het Sint-Janscollege in Hoensbroek (Nederland)[3].

SocialReading1


Voetnoten:

[1] Een verzameling die intussen reeds 38 unieke omgevingen telt.

[2] Denk bijvoorbeeld aan het werk van Joshua Meyrowitz, Manuel Castells en James Paul Gee.

Castells, M. (1996). The Rise of the Network Society. Oxford, United Kingdom: Blackwell Publishing.

Gee, J. P. (2005). Semiotic Social Spaces and Affinity Spaces: From the Age of Mythology to Today’s schools. In D. Barton, & K. Tusting (Eds.), Beyond Communities of Practice: Language, Power and Social Context (pp. 214-232). Cambridge: Cambridge University Press.

Meyrowitz, J. (1985) No Sense of Place: The impact of electronic media on social behavior. Oxford: Oxford University Press.

[3] Registeren voor het ICT-congres kan via: https://ictcongressintjan.eventbrite.nl/