Media pluralisme en de bescherming van minderjarigen in sociale media – Het huidig juridisch kader

11 jun 2012 /

In dit juridische rapport van IBBT-ICRI KU Leuven wordt een overzicht gegeven van het huidig regelgevend kader met betrekking tot media pluralisme en minderjarigen. In het eerste onderdeel komt media pluralisme aan bod. Vervolgens is het regelgevend kader op Europees en nationaal niveau onderzocht. Het tweede deel van het rapport behandelt de bescherming van minderjarigen. Hiervoor zijn verschillende domeinen in de analyse opgenomen: mensenrechten, mediarecht, strafrecht en consumentenrecht.

Het rapport begint met een verduidelijking van het begrip media pluralisme, gezien de uiteenlopende invullingen die het begrip kent.

Europese regelgeving

Wat de Europese Unie betreft is vastgesteld dat beleid rond media een gevoelig punt is: de bevoegdheden van de Europese Unie kunnen eerder als beperkt beschouwd worden en de Lidstaten worden vooral geacht bevoegd te zijn voor het mediabeleid. Desondanks bestaan er toch concrete maatregelen op het niveau van de Europese Unie, bijvoobeeld quota voor onafhankelijk en Europese  producties, regels op het gebied van korte verslaggeving, de evenementenregeling, must-carry verplichtingen en regelgeving op het gebied van mededinging.

Nationale regelgeving

Voor de analyse van het nationale niveau is er op het niveau van de Vlaamse Gemeenschap gekeken en diende de Media Pluralisme Monitor als vertrekpunt. De Media Pluralisme Monitor is een meetinstrument bestaande uit verschillende indicatoren, vanuit een breed perspectief ganalyseerd. Het combineert juridische aspecten met economische en sociale aspecten, zodat de verschillende dimensies van media pluralisme kunnen worden belicht. Hierdoor komt niet alleen media eigendom aan bod maar worden ook culturele, politieke en geografische aspecten in de analyse betrokken.

Maatregelen

Er zijn verschillende maatregelen in de Vlaamse Gemeenschap met betrekking tot media pluralisme, bijvoorbeeld politieke onafhankelijkheid, vrijheid van meningsuiting, maatregelen op het gebied van concentraties, programmaverplichtingen en regelgeving met betrekking tot de openbare omproep.

Maatregelen op het niveau van de Europese Unie

Net zoals in het eerste onderdeel zijn de bestaande regelgeving op het niveau van de Europese Unie, de Raad van Europa, nationaal en gemeenschapsniveau geanalyseerd. Op het gebied van mensenrechten kan besloten worden dat vrijheid van meningsuiting en privacy ook toepasbaar zijn op minderjarigen. Op het gebied van mediarecht is de Richtlijn Audiovisuele Mediadiensten een belangrijk instrument dat regels oplegt voor de bescherming van minderjarigen tegen schadelijke content. Er zijn verschillende regels voor lineaire en non-lineaire diensten. Het valt nog af te wachten of de regels voor non-lineaire diensten voldoende zijn voor de bescherming van minderjarigen. Voor wat betreft de bescherming van minderjarigen tegen schadelijke content heeft de Vlaamse Gemeenschap de relevante bepalingen uit de Richtlijn Audiovisuele Mediadiensten  in het Mediadecreet opgenomen. De naleving van deze bepalingen worden gecontroleerd door de Vlaamse Media Regulator en zij kan boetes opleggen aan omroepen die deze bepalingen niet naleven.  Op het gebied van strafrecht is er op het niveau van de EU de Richtlijn ter bestrijding van seksueel misbruik en seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie van december 2011. Op het nationale niveau wordt deze materie federaal geregeld door het Strafwetboek dat een technologie-neutraal artikel bevat waardoor het mogelijk is een breed scala van kinderpornografie te vervolgen. Als laatste domein worden kort de relevante bepalingen uit het consumentenrecht besproken. Op het niveau van de Europese Unie is er de Richtlijn Audiovisuele Mediadiensten die verschillende bepalingen bevat met betrekking tot adverteren en minderjarigen. De Vlaamse Gemeenschap implementeerde de Richtlijn in het Mediadecreet, maar de regelgeving in het Mediadecreet is strikter dan wat voorzien werd in de Richtlijn.

Is er nood aan nieuwe regelgeving?

Alle maatregelen die zijn besproken, richten zich hoofdzakelijk op de aanbodzijde, wat betekent dat de regels toepasbaar zijn op omroepen en de producenten van content. Dit kan verklaard worden door het feit dat de regels met betrekking tot media pluralisme en minderjarigen opgesteld zijn in een tijdsperiode waarin gebruikers eerder passieve gebruikers waren: ze hadden niet veel controle over de content die ze konden ontvangen. Door de technologische ontwikkelingen van het laatste decennia is dit echter drastisch veranderd en gebruikers hebben nu veel meer controle over wat, wanneer en hoe ze content willen ontvangen. Gebruikers worden nu beschouwd als ‘prosumers’: actieve consumenten aan de ene kant (bijvoorbeeld via pay-TV, on demand, catch-up) en producenten aan de andere kant (Web 2.0 applicaties, user-generated-content). Verder onderzoek zal nagaan of traditionele regelgeving kan worden omgezet naar (1) nieuwe (types) gebruikers, (2) het nieuwe medialandschap in het algemeen en meer specifiek, naar (3) sociale media, en of nieuwe regelgeving zicht opdringt?

Download hier het volledige rapport van ICRI “Guaranteeing media pluralism and protecting minors in social media. The current legal framework.”

powered by Fotopedia